Document
Hof Antwerpen, 17 december 2001, 1998/AR/1185, onuitg.
Wanneer de opdracht van een gerechtsdeskundige erin bestaat advies te geven over de oorzaak en omstandigheden van een aanvaring, impliceert dit noodzakelijkerwijze dat de gerechtsdeskundige hierbij de vaarwijze van beide partijen toetst aan de vigerende reglementering en hieruit zijn conclusies trekt. Hiermee miskent de gerechtsdeskundige niet de draagwijdte van de opdracht en begeeft hij zich niet op het terrein van de rechter.
De begrippen vaargeul en vaarwater in de Algemene Politieverordening van het Havenbedrijf Antwerpen hebben een duidelijke afgebakende betekenis. De term vaargeul strekt ertoe zo nauwkeurig mogelijk de richting aan te duiden die de schepen in de vaarwaters van de Antwerpse dokken dienen te volgen, teneinde hetzij voorrangsgerechtigd, hetzij voorrangsplichtig te zijn. Indien het begrip vaargeul zo zou worden uitgelegd dat het de volledige wateroppervlakte van de dokken zou omvatten (d.w.z. van gemeerde schepen tot gemeerde schepen), zou het volstrekt onmogelijk zijn voor de scheepvaart om te weten of men voorrangsgerechtigd, dan wel voorrangsplichtig is.