Document
ECLI:NL:RBRO:2013:7253
Het voorbehoud van art. 18 CLNI lid 1a heeft alleen betrekking op schade als gevolg van de kwaliteitswijziging van het water zelf en niet op schade aan zaken veroorzaakt door in het water gestroomde olie. Tot de vorderingen voor schade als gevolg van wijziging van kwaliteit van het water behoren ook de kosten van de in redelijkheid genomen preventieve maatregelen om dreigende schade door kwaliteitswijziging van het water te voorkomen (schoonmaakkosten). Voor deze vorderingen (ook wanneer deze zich als regresvorderingen aandienen) dient ter beperking van aansprakelijkheid naar Nederlands recht een waterverontreinigingsfonds te worden gesteld en kan niet worden volstaan met het stellen van een zakenfonds.